Woord van de pastor

‘Mijn ziel prijst en looft de Heer’ (Lucas 1: 46b)

Deze weken voor het kerstfeest noemen we wel de donkere dagen voor kerstmis. En zo voelt het ook. De dagen zijn kort, de avonden lang. Ook de wereld om ons heen is donker. Er is van alles wat ons angst aanjaagt. De oorlog in Oekraïne, de onberekenbare president Poetin in het Kremlin in Moskou, die graan en gas gebruikt om anderen onder druk te zetten. Die zelfs dreigt met nucleaire wapens. Wat als hij die dreigementen ten uitvoer brengt? We maken ons zorgen om onze eigen situatie. We hebben te maken met een klimaatcrisis. We weten dat er dingen moeten veranderen. De afhankelijkheid van het Russische gas drukt ons met de neus op de feiten. Maar hoe? De agrariërs die niet weten wat hen boven het hoofd hangt. Tegelijk maakt u zich misschien zorgen over uw financiële situatie, nu alles duurder wordt.

In onze donkere wereld, waar niet zo veel licht straalt, lijkt het zo misplaatst om het feest van het licht te gaan vieren. Optimisme – het zal wel goed komen – het lijkt er op dat we het daar niet mee redden. Het loopt stuk op de werkelijkheid om ons heen. Het lijkt wel alsof alles wat je probeert om het beter te maken in de wereld, dat alles je bij de handen afbreekt. De werkelijkheid is veel te weerbarstig.

Maria zingt haar loflied. Zij zingt: ‘Mijn ziel prijst en looft de Heer’. Maria zingt, te midden van die donkere tijd aan het begin van onze jaartelling. Te midden van onderdrukking. Maria zingt van datgene wat haar door de Geest wordt ingegeven. Maria doet, geïnspireerd door die Geest de allergrootste ontdekking, die je als mens doen kan. Maria zingt de lof van de God die haar volk heeft uitgeleid uit het slavenhuis Egypte. Maria zingt de lof van die God, die in beweging kwam, die zich het lot van mensen aantrok. Maar de belangrijkste ontdekking van Maria is, dat diezelfde God nu haar betrekt in zijn plan. De God van Abraham, van Mozes, de God van de uittocht, is ook haar God. Die God, die in het verleden redde, redt ook nu weer. De God van de Exodus leeft! God is in haar leven bezig. Zij mag delen in het geheim van het verbond van bevrijding. Daar mag zij partner en bondgenoot in zijn. Ze weet zich door God ingeschakeld. En opeens ziet ze de geschiedenis in een heel ander perspectief. Haar lofzang spreekt revolutionaire taal. ‘Hij drijft uiteen wie zich verheven wanen, heersers stoot Hij van hun troon en wie gering is geeft Hij aanzien’. Het zijn zaken die je niet zomaar gelooft. Onze tijd is daar te donker voor. En menselijkerwijs gesproken is ook niet mogelijk wat er in de lofzang van Maria wordt gezegd. We kunnen er over dromen. Maar dromen, plannen en idealen lopen stuk.

Maria stelt zich open voor God. Ze laat zich inschakelen.  Zij stelt zich open voor datgene wat haar van de andere kant, van Godswege, wordt aangereikt. Dat maakt haar groot, dat maakt haar bijzonder, het maakt haar voor ons tot een voorbeeld. Het maakt dat zij kan zingen. De vraag aan ons, aan u, jou en mij, is, of wij ons zo durven openstellen als Maria. Of we Maria durven navolgen. Zodat het ook ons van de andere kant, van Gods kant, kan worden aangereikt. ‘Mijn ziel prijst en looft de Heer’, durven wij het, in navolging van Maria, te zingen in de donkere tijd waarin wij leven? Durven we te vertrouwen op de toekomst van God? Willen we ons open stellen voor datgene wat God ook in ons leven doen wil? Durven we het?

Ds. Jet Lieftink-Buijs