‘U hebt Hem lief zonder Hem ooit gezien te hebben’ (Petrus 1: 3-9) en ‘Gelukkig zijn zij die niet zien en toch geloven’ (Johannes 20: 19-31). Discipelen zitten angstig en bang achter gesloten deuren bij elkaar. Jezus mag dan opgestaan zijn, maar voorlopig lijkt niet-geloven logischer dan wel geloven! Want een week later zitten ze er nog!
Thomas is er dan ook bij. Pas als hij Jezus aangeraakt heeft, komt hij tot de belijdenis: ‘Mijn Heer, mijn God!’ Zelfs met ‘bewijs’ – Jezus die aan hen verschijnt en hen vrede toewenst – valt geloven niet mee, laat staan voor ons, die behoren tot die mensen, die niet zien… en dan toch geloven? Johannes laat ons zo zien, dat geloven nooit vanzelfsprekend is! We horen in de preek een ‘Belijdenis van een ongelovige’; zo herkenbaar!
De orde van dienst leest u hier.
